nieuws: denken in mogelijkheden

De publicatie over de typologie van het naoorlogse kantoorgebouw komt regelmatig goed van pas bij het opstellen van transformatiekaders voor leegstaande kantoren. Wat is de ruimtelijke en structurele hoofdkarakteristiek van het gebouw? Welke kansen biedt die specifieke opzet voor de herbestemming? Drie voorbeelden. Kenmerkend voor het postkantoor in Venlo zijn de langgerekte en relatief ondiepe werkvloeren met grote ramen aan weerszijden: uitermate geschikt voor het lokale museum dat een nieuw onderkomen zocht. Karakteristiek voor het GGD gebouw in Tilburg is het circuit van gangen rond twee binnenhoven: veel verkeersruimte maar daardoor ook eenvoudig te compartimenteren en ontsluiten. Typerend voor het hoofdkantoor van de Suikerunie in Breda is de kubusvorm met driehoekige inkeping en hoofdentree in het hart: een simpele omkering van de logistieke benadering kan deze markante zuidgevel helemaal vrijspelen voor de beoogde woonfunctie. De specifieke eigenheid van een kantoorgebouw is vaak een onvermoed cadeautje. Het uitpakken en op waarde schatten ervan vergen aandacht en creativiteit. 

L. van Meijel & T. Bouma (2013). Kantoorgebouwen in Nederland 1945-2015: cultuurhistorische en typologische quickscan, maart 2013 (i.o.v. RCE en NPH).